Hoe 0,002 seconde het verschil kan maken

Het is al een tijdje geleden dat ik een update heb geplaatst op mijn website. Daarom nu een verslagje van de aanloop naar het NK Indoor op 16 februari, en natuurlijk het NK zelf. Na de zomerstop ben ik oktober weer begonnen met de trainingen. De focus lag in het begin op kracht. Als je mij volgt op Instagram heb je daar regelmatig iets van gezien.

Langzaamaan werd ik steeds sterker, en verbrak ik in de krachtruimte wat persoonlijke records. Dat zou een mooie opstap naar het indoorseizoen moeten zijn. Ik had er dan ook erg veel zin om 6 januari mijn eerste 60 meter wedstrijd, 4e ITS Isokin Indoor Track Meeting Team Sotra in Apeldoorn te lopen. De tijd was echter teleurstellend, 7.60 sec. Een week later bij de Phanos Indoor Sprint in Amsterdam zelfs nog minder: 7,62 en 7.63. Ik voelde me topfit, maar het lukte niet om de stukjes aan elkaar te knopen. De ene keer was mijn start niet goed, dan weer het middenstuk, of juist het eindstuk.

Misschien had ik moeite om de extra kracht die ik had opgebouwd, om te zetten naar voorwaartse kracht. De extra spiermassa die je opbouwt moet je tenslotte wel goed weten te gebruiken. 27 januari bij de Indoor Meeting in Dortmund ging het iets beter, 7.55. Maar nog steeds heel ver weg van mijn PR van twee jaar geleden (7.40). Natuurlijk ben ik na dat PR anderhalf jaar met een blessure bezig geweest, waardoor wedstrijdritme en startroutine ontbrak. Je begrijpt misschien nu waarom ik even geen verslag uitbracht van deze wedstrijden.

Op de weg terug

2 februari reisde ik af naar de CMCM Indoor Meeting in Luxemburg. En daar viel het allemaal een beetje op zijn plaats: 7.45 en 7.44. Gelukkig twee stabiele races en dus geen ‘uitschieter’. Een week later in de IFAM Indoor Gent plaatste ik me in het sterke veld met 7.44 verrassend voor de finale. Daar werd ik derde met een tijd van 7.41. Hè hè, steeds weer wat beter, en echt weer vast ‘terug in de 4’.

Tweeduizendsten

En dan 16 februari het AA Drink NK Indoor in Apeldoorn. Ik had er veel zin in, voelde me topfit en had er alle vertrouwen in dat ik een nieuw PR zou kunnen lopen. Hoe anders liep het…. Vooraf had ik met mijn trainer een tactiek voor de series besproken. Vooral niet voluit, met een finale moesten we immers in drie uur tijd, drie keer aan de start komen. In de serie liep ik met onder anderen Dafne Schippers. Seriewinst zat er dus niet in, maar zonder al te veel inspanning werd ik tweede in een tijd van 7.54. En dat bleek te langzaam voor een gunstige indeling in de halve finale. Balen.

Ik moest het opnemen tegen onder anderen Jamile Samuel, Naomi Sedney en Nadine Visser. We streden om een plek bij de eerste 2 die zich direct voor de finale zouden plaatsen. Mijn reactietijd  bij de start was met 0.125 seconden ongekend goed. Ik vloog weg, lag in het ijzersterke veld aan kop en was daardoor even van mijn stuk. Ik maakte een misser en verkrampte iets tijdens de acceleratie. Dan loop je naar de finish toe in plaats van dat je er doorheen gaat. Ik eindigde samen met Naomi in 7.40, maar een fotofinish wees uit dat ik twee duizendsten langzamer was dan Naomi. 7.396 tegen 7.394. Dat betekende voor mij een 4e plek in de halve finaleserie.

Na de andere halve finales werd mijn grote angst waar… Naomi plaatste zich als tijdsnelste voor de finale, ik door die tweeduizendsten niet. Zo ontzettend balen, niet te beschrijven. Pas een paar dagen later besefte ik dat met een race die verre van perfect was toch mijn PR had geëvenaard. Dat geeft toch hoop.

Mijn volgende doel is het halen van de limiet (11.60) voor deelname aan de 100 meter tijdens het EK -23 dat in juli in Zweden plaatsvindt. In juli vorig jaar liep ik na die lange blessuretijd al snel 11.59 dus ik ga er voor!

Bowien Jansen CMCM Luxemburg
CMCM Luxemburg

Eén reactie

  1. Leuk om te merken dat je nog steeds in de lift zit met je prestaties. Je ziet er op de foto heel sterk uit. Heeeeel veeeel succes.
    Hartelijke groet,
    Wil van der Ham

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *